Dwarsfluit
De dwarsfluit, de naam zegt het al, wordt dwars bespeeld. Het is het enige blaasinstrument waarbij de toon op een natuurlijke manier ontstaat: de lucht wordt direct tegen de scherpe rand van het mondgat geblazen. Zo ontstaat het losse, zwevende geluid. De dwarsfluit behoort tot de familie van de houten blaasinstrumenten, al is hij tegenwoordig van metaal gemaakt. In de 18e eeuw zag de fluit er heel anders uit. Hij was van hout en had geen kleppen, en werd traverso genoemd. De beroemde fluitbouwer Böhm heeft in de 19e eeuw het kleppensysteem bedacht. Daarom wordt de tegenwoordige dwarsfluit ook wel Böhmfluit genoemd. De piccolo en altfluit zijn fluiten die vooral in orkesten worden bespeeld. De dwarsfluit kun je vanaf ongeveer 8 jaar leren bespelen. Er wordt wel eerst gekeken naar de lichaamsbouw en het gebit. Een beugel is meestal geen probleem. De les wordt gegeven aan groepjes van 2 of 3 kinderen. Na een paar maanden kun je al Sinterklaas- of Kerstliedjes spelen. De muzieksoorten die je op een dwarsfluit kunt spelen lopen uiteen van klassieke muziek tot moderne popmuziek.
Lesdag; Maandag
In de loop van het jaar worden 1e en 2e jaars leerlingen uitgenodigd om gratis deel te nemen aan 10 theorielessen ABC Muziek.
Kinderen van groep 5 die een jaarcursus dwarsfluit volgen kunnen gratis deelnemen aan kinderkoor de Koornuiten op maandag van 16.00 tot 16.45 uur.
Kinderen van groep 6, 7 en 8 die een jaarcursus dwarsfluit volgen kunnen gratis deelnemen aan kinderkoor de Beeckzangers op maandag van 16.45 tot 17.30 uur.
